De cabinedeuren die in de bus zaten waren niet meer te redden. De twee gekochte exemplaren waren ook aan een grondige restauratie toe. Deze linker is nog slechter dan de rechter deur. Nu, na restauratie kunnen ze weer jaren mee.


Bij het oude portier, foto rechts, is het slot verplaatst. Het resultaat is een enorme bult om het slot weer op de sluiten. Het “nieuwe” portier heeft de normale dikte. Dat heeft natuurlijk gevolgen voor de stijl en zal moeten worden opgelost. Het oude portier bewaar ik nog even. Je weet maar nooit wat er nog van gebruikt kan worden.


Er zijn bij deze deur meer verroeste plekken dan bij de rechter deur. Ook hier is er heel creatief een stukje plaat over een probleemplek gezet. Zelfs dit plaatje is al weer aan het roesten. Altijd weer het zelfde liedje. Tussen de twee platen hoopt zich vocht op en kan niet meer weg. Na verloop van tijd gaat het van binnenuit roesten. Voor de cabinedeuren wordt op dit moment een vermogen gevraagd. Dus, restaureren is een goede optie. De hele onderrand moet worden vervangen. Voor het lage gedeelte van de deur heb ik al een passtuk gekocht. De rechte rand maak ik zelf wel. Dat is niet zo moeilijk.




Dit is de cabinedeur van een werkpaard geweest. Hier moet nog het een en ander aan gebeuren. Eerst maar volgens de lijn afsnijden. De reparatie delen zijn veel groter maar je hoeft ze natuurlijk niet helemaal te gebruiken. Ik probeer net als bij de andere deur het binnen-frame te laten zitten. Dan blijft de stevigheid in de deur en hoeven de scharnieren er ook niet af. De binnenrand moet van voor naar achter helemaal worden vervangen.


De nieuwe plaatdelen liggen klaar voor gebruik. Eerst de buitenplaat maar even op de plek houden. Dat ziet er mooi en strak uit.

Het binnen deel zit inmiddels op de plek. De rand heeft nog wel iets aandacht nodig. De horizontale rand moet nog in dezelfde ronding als het kniestuk worden geklopt. De rest zit wel op de goede plek.


Dat is uit de hand met een tasje goed te doen. Maar volgens mij gaat het sneller en nauwkeuriger met een opmaat gemaakte “tas”. Er is hiervoor een oude matrijs gebruikt die ik nog net uit de oud-ijzer bak heb gevist. Eerst maar de ronding slijpen. De vierkante pijp ligt erop om de mal op de plek te houden. Anders kan ik de ronding niet goed vergelijken.

Er is ook maar een staalblok opgelast. Dat is voor extra tegengewicht. Hiermee moet het wel goed komen.
Eerst maar met lijmklemmen onder de deur vastmaken.
Hiermee ben ik dik tevreden. De hele rand loopt mooi in de ronding van het kniestuk mee. Het om de mal kloppen is een beetje mislukt. De mal verdraaide steeds en daardoor kon de rand niet op de goede plek worden omgeklopt. De rand is gewoon uit de hand met een tasje en een hamer omgezet.




De rand is ingelast. De opening tussen de rand en het kniestuk heb ik overal 4 mm gemaakt. Dit moet misschien nog wel een mm groter. De deur is in de opening wel vormvast maar de stijfheid is er helemaal uit. Dat komt wel terug als de buiten plaat er weer op zit.









En dan moet er een nieuwe komen. Het is makkelijker om hem zelf te maken. Dat gaat sneller dan een plaat ophalen. Er stond nog een plaat van een legplank uit een stalen kast. Even in de vorm drukken bleek een probleem. De plaat is zo hard dat er spontaan een knik in komt. Dan maar met het walsje. Achteraf is de plaat zo stug dat ik het niet aandurf om hem verder te gaan bewerken. Ik had in het verleden twee platen van 2000 x 1000 zacht staal gekocht. Ideaal voor dit soort klussen. Nou die zijn er dus niet meer. Die heeft iemand anders natuurlijk aangezien voor normale platen en verwerkt. Dat is op dit moment even niet anders. Dan maar een gewoon stuk plaat genomen en in de vorm gebogen.


De rand is er met een doorslijpschijf vanaf gesneden.
Met de afbraamschijf is de rand strak geslepen.




Eerst maak ik maar een passtuk voor de rechte onderkant. Er is een verzetrandje in gezet. Die valt achter de buitenplaat van de deur. De extra rand zal natuurlijk worden omgeklopt.


In de buitenplaat van de deur zijn gaten geponst. De verzetrand die aan het passtuk is gemaakt valt hier precies achter en kan daardoor worden vastgelast. Op die manier is de spanning in de plaat minimaal. Ik heb ooit een cursus autoplaatwerk gevolgd, (vier avonden) daar heb ik deze techniek geleerd. Een nadeel is wel dat er twee stukken plaat over elkaar liggen. Maar dat kit ik aan de binnenkant goed af. Er zit nog een knikje in de plaat maar dat krijg ik er nog wel uit. Eerst maar het onderste gedeelte aanpakken.







Het passtuk is op de deur gezet. De pasvorm is goed. De rand is nog niet helemaal omgeklopt en drukt in de sponning. Daarom staat de deur nog een beetje open.



Het is een hele klus geworden, de linker cabinedeur. Nu is het bovenste gedeelte aan de beurt. Het raamwerk met de ramen moet er eerst helemaal af.
Nog maar even de foto van de andere deur erbij pakken. Het is duidelijk dat alleen het bovenste gat nog op de goede plek zit. Dat deel is nog opnieuw te gebruiken.









De hoek zit er weer in. Het heeft de nodige uurtjes gekost maar het ziet er mooi strak uit.
Toen het raamframe eraf ging kwam ook daar een onaangename verrassing tevoorschijn. De drie gaten die tevoorschijn kwamen waren een beetje aangetast. Door de twee ronde gaten komen de boutjes die het rubber onder het raamframe vasthouden tijdens de montage. Even goed uitmeten, anders past het raamframe niet meer. Ook hier zijn twee plaatjes ingezet. Weer een mooi strak geheel al zeg ik het zelf.

De deur is nu helemaal af. Nog even een momentje met een hamer en een tasje enkele oneffenheden wegwerken.