Het plaatsen van het eerste laadvloer balkje moest samen met een groot passtuk worden uitgevoerd. Het passtuk vervangt een groot verroest deel onder het reservewiel.







Voor het centreren van het vloerbalkje heb ik de schakeltunnel laten zitten. Deze buis zorgt voor een vaste plek voor het midden van het vloerbalkje. De buis was aan de voorkant ook al verroest. Op zich geen probleem omdat hij helemaal zal worden vervangen. De buisjes, voor alle kabels, onder de vloer laten zitten was geen haalbare kaart. Op sommige plekken had ik er ook al ongewild met de slijpschijf een snee ingemaakt. Voor het pas maken van het balkje zaten ze alleen maar in de weg. De kabelbuisjes blijven aan de achterkant van de bus zo lang mogelijk zitten. Dit zorgt voor een vaste plek waar ik naartoe kan werken. Voor de handrembuisjes is er al een vaste plek. In de vloerbalkjes zitten gaten waardoor deze buisjes precies op de goede plek komen. Om het voorste vloerbalkje goed vlak te krijgen zijn er twee profielen tegen de onderkant geklemd. Op deze manier is hij uitgelijnd met de andere vloerbalkjes. Na het pas maken van de plaat kan hij worden gehecht.






Omdat er nu twee balkjes op de plek zitten kan de rest van de laadvloer er uit. Het is een groot gapend gat geworden.




De restanten van de laadvloer liggen hier op een hoopje. Ook hier zijn meerdere lagen over elkaar gelast. Ondanks de ellende is het wel een mooi gezicht. De glimmende vormen van de net doorgeslepen plaat in contrast met de verrotte delen. Een doorsnede over het gat waar de schakeltunnel door gaat. Dat is anders alleen maar op een tekening te zien. Steeds kom je weer tot de conclusie dat alles wel heel ingenieus in elkaar zit. Alles heeft een doel. Het heeft natuurlijk van 1950 tot 1966 ieder jaar weer een verbetering ondergaan.


Terug naar de werkelijkheid. Aan de zijkant van de laadvloer, net binnen de buiten beplating kom ik deze stukjes afgebladderde roest tegen. En toen het er uit werd gezogen begon het behoorlijk te rammelen in de stofzuigerslang. De lasser is een stuk elektrode vergeten. Als dat de elektrode kwaliteit is geweest verklaart het een groot deel van de slechte lassen.

De twee kachelpijpen moeten langs de achterkant van het laatste balkje. Daarom moet er een holletje in worden gemaakt. Met behulp van een malletje, goed met lijmklemmen vastgezet, was het niet zo moeilijk.

Van een andere mal had ik nog een stuk MDF liggen. Hier heb ik twee uitsparingen in gemaakt. Hiermee kan de afdekplaat worden gemaakt.

De breedte van de plaat is een beetje groter gemaakt. Door het kloppen trekt de plaat natuurlijk een beetje rond. De plaat moet goed vlak op de mal geklemd worden om de twee uithollingen op de juiste plek te krijgen.

De twee uitsparingen zitten erin. De pasvorm is prima. Na wat ponsgaten maken en op lengte maken kan hij worden vast gelast.

De schakeltunnel is het midden van de balkjes. Hier ben ik steeds vanuit gegaan. Het achterste balkje was hierna aan de beurt. De uitsparingen zitten er in en de afdekplaat is klaar. De afstand werd mede bepaald door de buisjes voor de handremkabels.

De afdekplaat is op het achterste balkje gelast. Het sluit mooi aan. Tijdens het lassen hangen er behoorlijk veel lasklemmen aan. Als je steeds tussen de klemmen last blijft de plaat mooi vlak. Nog even afwerken en de balkje zitten netjes op de plek.